Geen categorie

Aderlaten

Aderlaten (ook: flebotomie) is een oude behandelwijze die tegenwoordig weer af en toe wordt toegepast. Er wordt geprobeerd de bloeddruk te verlagen. De gedachte hierachter is tweeledig. Ten eerste vermindert een lagere bloeddruk de aanvoer van bepaalde enzymen (MMPs) die bindweefsel in de hoef afbreken. Dit bindweefsel, het basale membraan, moet zorg dragen voor een stevige verbinding tussen de hoefwand en het hoefbeen. Afbraak van het basale membraan is een sleutelelement van hoefbevangenheid.

Ten tweede zal het verlagen van de bloeddruk helpen voorkomen dat er te veel weefselvocht uit de haarvaten treedt. De kans op oedeemvorming tussen de hoefwand en het hoefbeen wordt hierdoor kleiner. De mogelijke schade die oedeem aan het hoefweefsel kan toebrengen zal kleiner zijn. De pulsaties in de hoef – en daarmee de pijn – worden minder. De bloeddruk zal zich echter na een aderlating weer vrij snel herstellen. Weliswaar meestal niet helemaal tot het oude niveau, maar het blijft met betrekking tot de oedeemvorming wel een symptoombestrijdende maatregel. Verder is de lagere aanvoer van MMPs maar van korte duur.

Een tweede streven is om de viscositeit (stroperigheid) van het bloed te verlagen. Na een aderlating probeert het lichaam zo snel mogelijk het bloedvolume weer op peil te brengen. Hiertoe wordt vocht aan weefsels onttrokken dat vervolgens aan het bloed wordt toegevoegd. Bloed met betere ‘stromingseigenschappen’ zou voor een betere doorbloeding moeten zorgen. Hier moet ook gezegd worden dat de viscositeit van het bloed zich weer snel zal herstellen naar het oude niveau.

Tenslotte probeert de dierenarts met deze behandeling in het bloed circulerende gifstoffen te verwijderen.

Nadelen en complicaties

De snelle wisselingen in bloedhoeveelheid – en daarmee de vochthuishouding – hebben nadelige effecten op de mineraalconcentraties in het lichaam. Bovendien zijn er de volgende mogelijke complicaties bij aderlaten:

  • Hematomen (bloeduitstortingen)
  • Microtromboses
  • Vaatontsteking (vasculitis)
  • Zenuw- of weefselschade, doordat het tourniquet te lang wordt omgelaten

Aderlaten bij ijzerstapeling

Paarden kunnen via de voeding te veel ijzer binnenkrijgen. De wetenschap veronderstelt dat dit een negatief effect heeft op insulineresistentie. Een ander probleem is het verschijnsel ijzerstapeling (hemochromatose).

Het geconsumeerde ijzer komt in het bloed terecht. IJzer dat vervolgens niet via de urine en galvloeistof afgevoerd wordt, zal zich in verschillende organen ophopen. Het zijn onder andere de milt, de alvleesklier, de hypofyse, de huid, maar vooral de lever waar ijzerstapeling plaatsvindt. Een goed functionerende lever is met betrekking tot hoefbevangenheid uiterst belangrijk. Naast het afbreken van gifstoffen in het lichaam, zorgt de lever namelijk ook voor de afbraak van insuline en de omzetting van overschotten aan glucose in glycogeen (spiersuiker).

Om het ijzergehalte in het lichaam te verlagen kan aderlating toegepast worden. Het lichaam zal nieuw bloed moeten aanmaken. Hier is ijzer voor nodig. Het lichaam onttrekt dit aan het in de lever opgeslagen ijzer.

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.